Deze website draagt het AnySurferlabel, een Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites. Meer informatie vindt u op www.anysurfer.be.

Home > Losse pagina's > TIPS ROND INTERCULTUREEL PARTNERSCHAP

TIPS ROND INTERCULTUREEL PARTNERSCHAP

Partnerschap

Hoe werk je samen met een partner(organisatie) in een andere cultuur?

Met dank aan Wilde Ganzen en MDF en Terra Cognita.

Wat wordt verstaan onder een partner?

Samenwerken met een partner in het Zuiden is niet eenvoudig, maar het is wel verrijkend. Het gaat over een duurzame relatie opbouwen met mensen. Dat kost tijd en middelen.
Een partner(organisatie) moet niet altijd een officiële organisatie zijn. Onder een partner verstaan we, bv. ook een schoolcomité, een vzw, een kloosterorde, een watercomité, een ngo, een boerenorganisatie, enz.

Wat is een partnerschap?

Het is belangrijk om te onthouden dat het om een samenwerking gaat tussen twee culturen. Naast culturele verschillen, kunnen ook verschillen in machtverhouding meespelen: de Vlaamse organisatie geeft geld aan de buitenlandse organisatie. Ook het bepalen van prioriteiten kan verschillen. De buitenlandse partner weet dat iets realiseren in zijn land tijd vraagt, maar als Vlaamse organisatie willen we soms al te snel resultaten. Begrip, respect en communicatie zijn kernwoorden in een partnerschap. 

Hieronder een reeks van zes tips om een sterk intercultureel partnerschap op te bouwen met je partner in het Zuiden.

1. Keuze van partner is cruciaal voor het verloop van het project?

Een partner kiezen is niet eenvoudig. Kies een partner die over de middelen (menskracht, materiaal en tijd) beschikt om het project te leiden.

Vaak start het project met één contactpersoon. Persoonlijk contact is de beste basis voor een goede samenwerking. Op termijn is het best dat deze samenwerking evolueert naar een samenwerking met een groep van mensen of organisatie. Samenwerken met één persoon maakt een project kwetsbaar en is een risico voor het voorbestaan van het project. De persoon kan wegvallen of andere bedoelingen hebben. Of misschien heeft die persoon niet de gepaste capaciteiten om het project te leiden en beheren. Dit vormt een gevaar voor het slagen van je project. Samenwerken met een organisatie – en dus met meerdere mensen – zorgt voor een grotere draagkracht. Beslissingen worden genomen en gedragen door meerdere mensen, die elke beslissing aftoetsen bij elkaar. Dit is dus ook een meer democratische manier van werken.

Verken ook grondig de omgeving waar je wilt werken en steek voldoende tijd in de zoektocht naar een juiste partner. Stel veel vragen en luister naar de doelgroep. Breng in kaart wie er nog op het terrein bezig. Misschien kan je wel samenwerken met een organisatie die al actief is in de regio. Neem contact op met andere (Vlaamse) organisaties die in deze regio werken om advies in te winnen. Deze verkenningsperiode mag gerust een tijdje duren. Zo neem je geen overhaaste beslissingen.

2. Stel een lijst samen van redenen waarom je samenwerkt en van wederzijdse verwachtingen. Zet dit op papier!

De samenwerking gaat uit van twee partners: jullie organisatie in Vlaanderen en de organisatie in het Zuiden. Elke organisatie heeft een eigen motivatie en andere redenen om samen te werken. Het is belangrijk om dat op een rijtje te zetten en te zoeken wat er gemeenschappelijk is. Bekijk samen waar de meerwaarde voor beide organisaties ligt en speel dit uit. Bespreek met elkaar, aan de hand van voorbeelden, wat beide organisaties onder een gelijkwaardige samenwerking verstaan. Integreer in dit gesprek de cultuurverschillen die mogelijk een rol kunnen spelen. Let op om niet te snel de leidersrol te nemen. Geef de partnerorganisatie zelf de tijd om invulling te geven aan het project. Een dosis geduld meenemen uit Vlaanderen kan soms erg nuttig zijn.

VRAGENLIJST. De Nederlandse organisatie Wilde Ganzen stelde een interessante vragenlijst samen voor een gesprek met je partner over motivaties en de verwachtingen:

Het is ook belangrijk om te weten wat je als Vlaamse organisatie zelf te bieden hebt en om af te bakenen en duidelijk te maken wat je niet doet. Denk hierbij aan:

3. Zorg ervoor dat je partner (mede-)eigenaar is van het project.

De huidige visie op ontwikkelingssamenwerking benadrukt dat het belangrijk is dat je partner zelf ook (mede-)eigenaar is van het project. Dit heet ‘eigenaarschap’. Het betekent dat de partner moet kunnen meebeslissen over de doelstellingen en over de strategie van het project. Zij kennen tenslotte ook best hun eigen land en gewoonten en zij hebben de nodige contacten om het project te doen slagen. De Vlaamse organisatie kan zorgen voor financiële impulsen en eventueel extra ondersteuning bieden waar nodig.

Zorg ervoor dat het planningsproces van het project een participatief proces is. Neem tijd voor een gesprek met je potentiële partner. Dat zal niet altijd volgens het Westers tempo verlopen. Stimuleer dat alle betrokken partijen een stem krijgen in dit proces. Krijgen de vrouwen bijvoorbeeld een stem? Wie mag er praten en wie niet? Welke belangrijke leiders moeten er betrokken worden? Welke ceremonies moeten in acht worden genomen? Tijdens deze gesprekken zullen cultuurverschillen snel duidelijk worden. Ga eventueel te rade bij lokale ngo’s, bij andere organisaties met kennis van zaken of bij Vlaamse organisaties die al jarenlang in dit gebied aan het werk zijn.

4. Teken samen het project uit en zet het op papier.

Start met een analyse van de huidige situatie. Denk na over de problemen die het project moet oplossen. Wie speelt een rol? Voor welke mensen en groepen heeft het project gevolgen? En welke consequenties zijn dit? Welke lokale organisatie zal het project trekken?

Formuleer daarna samen duidelijk de doelstellingen die je wilt nastreven. Wat moet bij het einde van project bereikt zijn? Welke activiteiten zijn er nodig om deze doelstelling te behalen? Wat zal dit kosten en hoe ga je het succes meten?

Maak ook een tijdslijn op om de fases van het project duidelijk te maken.

5. Leg verantwoordelijkheden vast in een document.

Werken met je partner is niet altijd evident, omdat er dingen anders geïnterpreteerd worden. Daarom is het belangrijk om verantwoordelijkheden en afspraken op papier te zetten.

Pas op, dit is een erg zakelijke benadering, die in sommige culturen op verzet kan stuiten. Veel 4de pijlerinitiatieven zullen ook denken dat dit niet nodig is, omdat hun partner in het Zuiden eerder een vriend is.
Toch raden we aan om dit te doen. Jouw organisatie moet in Vlaanderen immers verantwoording afleggen aan geldschieters, sponsors en sympathisanten. Je werkt tenslotte met centen van anderen. In onze cultuur is het belangrijk om afspraken schriftelijk vast te leggen. Mensen in het Zuiden begrijpen perfect dat niemand geeft zonder te weten waarvoor en hoe het geld besteed wordt. Leg uit dat verantwoordelijkheden schriftelijk vast- leggen niet betekent dat je je partner wantrouwt. Verduidelijk wel dat het beter is dat bepaalde dingen op papier staan indien er wat misloopt.

6. Enkele tips om intercultureel verrijkend te werken.

Luc Lippens van Terra Cognita geeft een aantal basisregels mee om beter intercultureel samenwerken mogelijk te maken.

MEER INFORMATIE

Wil je meer vaardigheden opbouwen rond intercultureel samenwerken? Kijk dan eens naar het vormingsaanbod van het 4de pijlersteunpunt op deze website. De workshops ‘projectwerking’, ‘projectevaluatie’ en ‘intercultureel samenwerken’ kunnen een grote hulp zijn.